De Stoel van Mevrouw Riebel

Als huisarts kwam ik vaak bij de familie Riebel over de vloer. Mijnheer was al lange tijd bedlegerig in verband met een ernstige leverziekte. Hij leed in stilte, maar stelde prijs
op mijn bezoek, waarbij we dan af en toe de medicatie een beetje aanpasten, en een kwartiertje praatten over gvroegerh. Daarbij leefde hij op. Hij kon sappig vertellen over alles wat hem in het verleden, als vakbondsman, zoal was overkomen.
Dit prettige bezoek werd een beetje verstoord door zijn echtgenote. Voortdurend onderbrak zij haar man met overbodige aanvullingen (gnee Geert,dat was niet in 1955 maar nog voor 1954, want Jaapje ging nog naar de kleuterschoolh).
Als ik kwam deed zij me open en fluisterde me dan het laatste nieuws in. Geert mocht
het niet horen, maar zij had weer zo geleden; geen oog dichtgedaan doordat Geert zo kreunde in zijn slaap. Ja, natuurlijk had ze hem wel een paar keer wakker gemaakt, maar hij begon daarna meteen weer met roggelen. Ze had gisternacht zelfs op de bank in de gang geslapen. Naast de patieNnt in bed, was niet meer uit te houden geweest. Had ik niet wat voor haar ? Schoonzus had ook al jaren heel goede slaappoeiertjes. Zou ik die niet ook willen voorschrijven ?

Zij was een oud handwerklerares en de 65 gepasseerd. Overal in het huis hingen de producten van een vruchtbaar handwerkend bestaan. Schellekoorden, letterdoeken,
gordijntjes, geborduurde schilderijtjes, kussen en de stoel. De Stoel was het magnum opus. Het was een namaak antiek houten zetel, met borduurwerken op de zitting en de rugleuning.

Nu ben ik niet kapot van borduren in het algemeen en geborduurde zetels in het bijzonder, maar het ding gaf me steeds stof voor conversatie met deze dame die haar leven voortborduurde in eindeloze deining. Als reactie op weer vage klachten ( jeuk hier, enige roodheid daar, wat tenesmi ad anum, een pukkeltje zus en kloofjes zoc) kon ik altijd veilig aan het gejammer ontsnappen door over de borduursels te beginnen. Dan werd ze zelf ook enthousiast en verloor zich in de detailschJa dokter, U ziet het goed, dit soort patronen zijn niet meer van deze tijd en nergens meer te krijgenc Kijk es naar die lucht, wel veertien tinten blauwc.wie heeft daar nu nog tijd voorc.h

Ik kon ook nooit wegkomen zonder de Stoel te hebben geprezen. Een buitengewoon ingewikkeld bloempatroon op de zitting en een boerderij op de rugleuning. Er speelden meisjes in het hooi, en koetjes en kalfjes stoeiden zo dartel in de wei dat het een aard had.
gJa dokter, ziet U de kippetjes wel ? Over een kip, zoals die daar tussen de struikjes, doe je wel drie avonden. Mijn man vond het altijd zo gezellig als ik borduurdec.
Maar U doet het toch nog steeds, mevrouw Riebel ? Ja dokter, maar mijn ogen zijn niet zo goed meer, en het moet echt zonnig zijn, anders kan ik de kleuren niet goed onderscheiden. Mevrouw Riebel, zei ik, snel naar de deur lopend: gU bent een echte kunstenares !h

Later werd ik regelmatig bij de man ontboden door Mevrouw Riebel, die dan voornamelijk klaagde over haar vreselijk lijden, door die man, met een knikje naar de slaapkamer.
Zijn toestand ging geleidelijk achteruit en hij was een onherkenbare schim geworden van de robuuste metaalbewerker die hij geweest was. Maar hij klaagde niet, verwelkomde me met
een hoffelijk gebaar; gaat U hier zitten, dan kunt U uw kopje hier neerzetten. Ik moest altijd thee drinken.
Toen gebeurde er plotseling iets dat tot het grote drama van de Stoel zou leiden.
Het was op een winterse namiddag dat Mevrouw Riebel mij bijna vrolijk ontving. Komt U es mee naar de slaapkamer, dokter. Mijn man en ik wilden U es wat vragen.
Ik kan niet zeggen dat mijn hart vol verwachting klopte.

gDokterh, sprak mevrouw Riebel, na zich strategisch achter de pati"ë"nt te hebben opgesteld . gDokter, moet U es horen; mijn man en ik zijn U toch zo dankbaar voor alles wat U voor ons doet. dat we iets leuks bedacht hebben. Voor U. Ja, U zult zich wel verbazen, maar mijn man en ik hebben er lang over nagedacht en omdat U de stoel zo prachtig vindt, hebben mijn man en ik besloten U die stoel te geven. U kunt er natuurlijk beter niet op gaan zitten, maar om naar te kijken is het toch een museumstuk, nietwaar ?h

gMevrouw Riebel, Meneer Riebelh sprak ik ontzet, g dat kan ik niet accepterenh. De zieke lachte flauwtjes, maar mevrouw zei op gebiedende toon: gniets daarvan dokter,
U bent al jaren het steunpunt in ons leven; U krijgt die stoel. !h Ik wist niet hoe snel ik weg moest komen, maar haastte me nog te zeggen:hDenkt U er alstublieft eerst nog es goed over na g.

Het werd er niet beter op toen de keer daarop door een giechelende Mevrouw Riebel werd opengedaan ! Dokter, mijn man en ik, hebben er nog eens over nagedacht. "We hebben nu iets anders bedacht . We houden zelf onze stoel, maar voor U maken we een nieuwe !.
Mijn schoonzus in Alkmaar heeft een winkeltje ontdekt waar deze oude patronen nog worden verkocht. Ik ga er kijken of ik niets kan vinden wat U extra mooi vindt g
gMevrouw Riebel, doe het nieth zei ik. ghet is een gigantisch werk zofn stoel, dat weet ik wel, prachtig natuurlijk...maar..h Ze, liet me niet uitspreken. gDokter gunt U ons dat pleziertje nou toch. Mijn man vindt het ook een fantastisch idee.h
gMevrouw Riebelh, ik probeerde mijn stem een dwingend serieuze toon te geven,
Mevrouw Riebel, U begrijpt dat ik zofn aanbod fantastisch vind en..h gZe viel me in de redechDus U accepteert het ? Wat zal mij man blij zijn. En dan heb ik ook weer een doel in mijn leven !h Ik zuchtte eens diep, er leek geen ontkomen aanc

hNou goed danf zei ik; maar als U er geen zin meer in heeft, hoeft U er echt niet mee door te gaan, dat moet U mij beloven.,h

Een paar dagen later, ik was het incident alweer vergeten, werd er es avonds aan de deur gebeld. Dat was vervelend, want ik had geen dienst. Nors kijkend deed ik open. Een grinnikende mevrouw Riebel. gDokterh kraaide ze, gdokter, ik ben zo blij.! Ik was vanmiddag in Alkmaar, en kijkt U nu eens wat ik vond, Zes verschillende patronen voor
zofn stoel als de onze. Ik ga hem speciaal voor U maken, maar U mag zelf het patroon uitzoeken; is dat niet enig ?h gNou jah, zei ik aarzelend, g erg aardig van U, maar ik
weet nog niet zonet of ik het wel kan accepteren, ik heb er nog niet zo goed over nagedachtch Ach dokter, mag ik ze even in de wachtkamer op de grond leggen; dan kunt U zelf kijken wat U het mooiste vindth. Ze was onverbiddelijk. De stoelen moesten aan de kant geschoven de de patronen werden op de vloer uitgespreid. De meeste waren monsterlijk. Diana bij een vijver door twee satyrs bespied; Jeanne dfArc ondervraagd door engelse soldaten ; Een fruitschaal met exotisch ooft en schaaldieren op de voorgrond; Edelen te paard in een bos , en Don Frederik krijgt de sleutels van Breda.

Ik stond perplex. Moest ik plaats nemen op Diana, of op Jeanne ? En al die Historische motieven ? Ik koos het minst storende motief: de edelen te paard in het bos, waarvan de rugleuning aansloot bij de zitting.
g Nou Dokter, dat hadden wij ook al gedachth,! g Mijn man zei nogcch

Twee dagen later stond ze blij in de wachtkamer met een grote plastic tas. Blijer dan ooit tevoren ! gDokter, ik heb het ! g Ik probeerde koel te antwoordenh gWat hebt U ?h
g De wol Dokter. De wol voor de stoel ! Wat een baal niet ? Alles op de nummertjes uitgezocht. Mijn man zei ga het maar es meteen aan de dokter laten zien, dus ben ik maar even langsgewipt.h

gVindt U de kleuren ook niet prachtig dokter ? En ik kreeg nog korting ook omdat dit
soort patronen niet meer wordt verkocht. Alles bij elkaar 1980 gulden. Ik zal U mijn gironummer wel even geven, kijk ik heb het op dit papiertje geschrevencch

Hemelse Vader, vergeef me de woede die in me opsteeg. Daar zat ik nu toch maar mooi aan vast !
gGoed Mevrouw Riebel, Ik zal het overmakenh, en haar naar de deur loodsend, g maar vergeef, me er zit nog iemand boven voor mij.h.

De weken werden maanden en bij ieder bezoek moest ik kijken hoe de stoel vorderde.
Ik trof haar altijd voor het raam aan het borduurwerk. Het moet gezegd, ze klaagde veel minder, glimlachtte meer en er heerste zelfs een soort vredige sfeer in hun huis.
Ik begon te denken dat ik er eigenlijk toch nog wel goed aan had gedaan. EeLn ding was duidelijk, het karwei zou nog vele maanden vergen.
Bij ieder bezoek moest ik ook raad geven. gDokter denkt U dat hier dit eikengroen is bedoeld, of die iets lichtere olijfgroene wol ?h

Na precies twee jaar belde ze op en juichte: hHet is klaarhc Ik schrok.
gNee !!, riep ik verbaasd, onmogelijk !h. gNee echt, de zitting is klaar !h Aha, dacht ik, dus we zijn er nog lang niet.

Het werktempo werd opgevoerd ! Een heilig fanatisme maakte zich van Mevrouw Riebel meester.
De toestand van Meneer verslechterde langzaam, maar er waren ook periodes waarin hij weer wat opfleurde. Vaak moest ik haar helpen bij het uitzoeken van de kleuren.
gZiet U dokter, er gaan ongeveer 169 steekjes in een vierkante centimeterh get Is niet waar !!h zei ik hoofdschuddend...
Toen belde mevrouw mij midden in de nacht op. gHij heeft in bed geplast, dokterh
Dat kan ik niet meer aan ! Echt dokter help mij, of ik spring van het balkon !!"
Dat was geen goed idee, want het echtpaar woonde op tien hoog.
Ik dacht, ik ga niet voor die plas es nachts een visite maken en ik sprak bozig: gVan het balkon springen, Mevrouw Riebel ? dat gaat niet, eerst de stoel afmaken !h
Ze begon te huilenchU heb gelijk dokterh, en ze verbrak de verbinding.

Na ruim drie jaar was de stoel af. Mevrouw had al een zaak gevonden waar ze een leunstoel kon krijgen die wat antiekig aandeed, en waarvan de kussens niet kapot waren.
Alleen de nieuwe borduurwerken moesten er nog op gespannen worden. Ze liet mij de foto van de stoel zien. gNiet duur dokter voor zofn mooi oud meubel, 850 gulden.
U hebt mijn gironummer toch nog ?h

De stoel werd thuisbezorgd en paste eigenlijk nergens bij. Er op zitten was niet aangenaam. Toch waren er mensen die hem gbest aparth vonden.
Bij mijn volgende bezoek aan het echtpaar heesrte er een feestelijke stemming.
Meneer Riebel mocht op een stoel naast zijn bed zitten. Mevrouw was in een opperbeste stemming en had appelgebakjes gekocht. Nee, ik wilde er geen slagroom op. Ze wilde natuurlijk weten hoe iedereen reageerde op haar schepping, ik prees en prees en prees.
Na de taart nam mevrouw het woord. gDokter, we hadden nog een verzoek: Mijn man en ik dachten dat U het wel een leuk idee zou vinden...; hoeveel verdient Uw werkster ?h Ik begreep niet waar ze naar toe wilde en vertelde haar dat dat 5 gulden per uur was.
Welnu hernam ze, mijn man en ik zouden het nu zo vreselijk leuk vinden als U een kleinigheidje zou betalen voor al ons werk. Meneer keek onbehaaglijk voor zich uit en zuchtte diep. Mijn man en ik dachten aan een kwartje per uur; dat is toch niet te veel voor echt vakwerk; maar het moet een aardigheidje blijven. Ik denk dat U er wel mee instemt. Een kwartje per uur...hahahah.. gJaja, hahahahah, zei ik.h ik begrijp het heel goed, een kwartje is beslist niet veel, maar...waagde ik ..dat was niet afgesproken!. gNee dokter, natuurlijk niet, maar mijn man en ik vonden toch dat er iets tegenover moest staan, al was het maar een aardigheidje.h De buren hier vinden dat ook. Ook dat nog, dacht ik. De buren zijn op de hoogte...

gJa, maar Mevrouwh, ik kon het knarsetanden nauwelijks onderdrukken, ghoe weet U nu hoeveel uren U heeft gewerkt ? Misschien wel een miljoen uurh, schamperde ik.
Triomfantelijk trok ze een notitieboekje uit haar tasje. Nee dokter, ik heb het steeds nauwkeurig bijgehouden. Kijkt Uzelf maar. In drie jaar, zeven maanden en twaalf dagen. Dat is dertienhonderd en zeventien dagen. Nu heb ik verleden Kerst niet gewerkt omdat mijn zusters uit Brabant waren gekomen, er gaan dus drie dagen van af. Gemiddeld heb ik zeven uur per dag geborduurd, ja, mijn ogen zijn er door achteruit gegaan. Al met al heb ik er negenduizend en acht en negentig uur aan gewerkt.
Het werd me zwart voor de ogen. Bewaar dan maar eens je professionele houding. Maar ze had me tuk. Betaalde ik niet dan zou binnen de kortste keren in het dorp bekend worden wat een gierige vrek die dokter van den Bergh was. Niet eens een kwartje per uurcc.

Ik heb U gironummer nog mevrouw Riebel, zei ik, opstaand.

Hoe liep het af ? Ik ruilde de stoel met een schoonzus, die hem mooi vond, tegen een fraai Herend porseleinen vaasje, dat ik mooi vond. Dat viel drie maanden later kapot.